13 juli 2015 - Kennicott - Bonanza Mine



Hoe heerlijk hebben we deze nacht geslapen. Hier is het ook echt muisstil en het zijn bovendien heel goede bedden.
In de lodge is er een heel lekker ontbijtbuffet en dat is altijd een goede start van de dag.

Het weer ziet er goed uit, niettegenstaande er vanaf 13u regen voorspeld wordt. Dit is het uitzicht van uit onze kamer. De Kennicott Glacier is volledig bedekt met puin achtergelaten door het terugtrekkende ijs.


We besluiten dan ook maar direct te gaan voor de zwaarste hike die men hier kan doen: die naar Bonanza Mine: om en bij de 15 km ver, wat bij vlak terrein maar een opwarmertje is, máár...ongeveer 1300 meter stijgen en dat is véél meer dan een opwarmertje. Bovendien moeten die 1300 meter achteraf ook weer naar beneden gelopen worden en dit is ook niet altijd een pretje.

We lopen eerst nog eens binnen in het Visitor Center (wat is het toch leuk om hier alles binnen een afstand van nauwelijks 50 meter te hebben) voor nog wat informatie over deze hike en over de Bonanza Mine zelf en gaan dan op pad. Het is iets vóór 10 uur.

We komen al heel snel bij de Kennecott Mine, die we langs de bovenkant voorbijgaan.


Het eerste stuk gaat tussen de bossen, later overgaand in struikgewas. Niet onze favoriete omgeving, maar het kan nu eenmaal niet anders. Wat wel meevalt in Alaska is dat de boomgrens hier zo laag is en we dus ook nog een heel stuk daarboven zullen vertoeven.

In het begin valt de stijgingsgraad nogal mee. We lopen ook over een breed pad dat helemaal niet technisch is. Dat kan ook niet anders want het wordt nog gebruikt door locals die hier al woonden vooraleer het ganse gebied een National Park was en hier dus ook mochten blijven wonen.

De loodzware kabels (wij konden ze geen 10cm opheffen) van de eerste kabelbaan liggen hier en daar nog op het pad. Die moesten ze dus, met beperkte middelen, zowat 100 jaar geleden installeren op de tussenstations tussen Bonanza en Kennecott.


Eens voorbij die enkele privat cabins hebben we al heel snel 360° uitzichten.






En één van de eerste "bekende" gebouwen die we zien is de cabin waar Discovery Channel filmde voor de serie "Edge of Alaska".


Daar woonde zogezegd een oudere eenzaat die nooit in het dorp komt. Ondertussen hebben we hier echter vernomen dat dit iemand is uit McCarthy die samenwoont met zijn vriendin en die ze gewoon naar die cabin brengen voor de opnames.
Bij het bekijken van de serie (die in het najaar een vervolg krijgt) begonnen we ons ook al van langs om meer te ergeren aan het feit dat alles zo overduidelijk in scène gezet werd. We keken dan eigenlijk ook enkel nog maar voor de enige échte reality, namelijk de landschappen.

Eens we helemaal boven de boomgrens zijn en het brede pad overgaat in een 30cm breed pad wordt het pas écht steil. Zo steil zelfs dat we bepaalde stroken niet comfortabel meer kunnen stappen met onze volledige voetzool op de grond. We moeten gewoon op onze tippen stappen. Ongelooflijk lastig.

De restanten van de kabelbaan die gebruikt werd om het kopererts van de Bonanza Mine naar beneden te brengen naar Kennecott, waar het verder verwerkt werd.


Overal waar we kijken zien we nog overblijfselen liggen uit/van de mijn. Die werd in 1938 van de ene dag op de andere gesloten (de Ranger sprak zelfs over "within 24 hours") en alles bleef achter waar het stond/lag.
We zien de meest vreemde voorwerpen die er soms, na 80 jaar in extreme weersomstandigheden, nog behoorlijk uitzien.






De mijn hebben we al heel lang in het zicht, maar ze lijkt maar niet dichterbij te willen komen.


Na nog enkele switchbacks komen we er tenslotte helemaal  bij. Het is 12u30.


We hebben echter vernomen dat we nog hoger kunnen tot helemaal boven de richel en daar een uitzicht kunnen krijgen over het volgende dal. Dus, terwijl de spieren warm zijn...


We besluiten om hier een echte "lunch with a view" te nemen. In de lodge kan men immers de dag voordien opgeven of men 's anderendaags de lunch ter plaatse neemt, of liever een lunchpakket meeneemt. We hadden uiteraard voor dat laatste gekozen.


Net als we ons lunchpakket willen openen, begint het echter lichtjes te regenen. Vermits we hier echt "on the edge" zitten, willen we geen risico lopen mocht de lichte regen overgaan in één of andere storm, en dus gaan we maar weer naar beneden tot bij de mijn. Daar staan nog genoeg "gebouwtjes" om in te schuilen.
Eerst nog een foto van de achterkant van Bonanza waar we duidelijk een tunnelingang zijn. Die maakte ongetwijfeld deel uit van het tunnelnetwerk dat de diverse mijnen met elkaar verbond.


De regen blijkt maar wat gemiezer te zijn, maar toch zitten we lekker droog in de overblijfselen van de grijze barak aan de rechterkant op de foto.



Qua natuurschoon hebben we al heel wat hikes gedaan die veel en veel mooier zijn (ofwel begint er gewenning op te treden...), maar we blijven hier toch zo'n 2 uur rondlopen. We zijn er helemaal alleen en we proberen ons voor te stellen hoe het hier van 1900 tot 1938 moet geweest zijn. We vinden nog zoveel "bewijzen" van het leven hier, zoals bvb een geleider voor de elektrische kabels met een datumopdruk van februari 1911. We vinden een oude schoen, verwrongen bedden, een radiator enz enz. Dat op zich maakt deze hike absoluut de moeite waard.







De ingang van de mijn is volledig bedekt met ijs.


We weten niet of dit ook zowat 100 jaar oud is, maar ook dit vinden we hier...


Het is heel duidelijk dat er hier bijzonder veel koper in het gesteente zit.



We lopen hier nog wat rond, al is dat niet altijd even veilig...





Onderweg bleven we ons ook maar afvragen hoe in hemelsnaam (we spreken over de jaren 1900-1905):
 - de ontdekkers hier deze plek vonden vermits er honderden kilometer in de omtrek geen enkele vorm van beschaving was, hier waren enkel gletsjers en wildernis;
 - in welke omstandigheden trokken die door het land? Als we de middelen/kledij bekijken waarmee wij nu hiken, is dit uiteraard in niets te vergelijken met de uitrusting waarmee zij het moesten stellen;
 - hoe heeft men al dit zwaar materiaal naar boven gekregen? Deze richel is amper 3 maand (maximum) per jaar sneeuwvrij;
 - eerst werd de cable car gebouwd (een soort kabelspoor dus),  maar eerst moesten dus die tussenstations  opgezet worden op de hellingen en dan moesten die gigantische kabels ze verbinden. Op een bepaald moment lagen de kabels nog gewoon over het pad en we konden die zelfs geen 10cm opheffen. Nu gebeurt dit met helicopters, maar hoe hebben zij dat gedaan? Ze moesten dus eerst de helling helemaal terug naar beneden om dan de volgende helling te beklimmen waar het volgende tussenstation stond. Daar  moesten dan die kabels op komen...;
 - wat een goed materiaal, zowel hout als ijzeren bouten, moeten ze gebruikt hebben opdat daar nu nog zoveel van intact is, en dit in de meest extreme omstandigheden van Alaska;
 - hoe was het leven hierboven tijdens de lange, strenge Alaskaanse winters? Uiteraard bleven de mijnwerkers hier hun ganse werkperiode. De meesten hielden het slechts 6 maand uit. Velen wilden al veel vroeger terug, maar ze moesten allemaal een contract ondertekenen dat ze minimaal 6 maand zouden blijven.

Het wordt hoogtijd om terug naar beneden te gaan, want we zitten toch wel bijzonder hoog.


We laten de Bonanza Mine achter ons.


Op de terugweg kijken we voortdurend uit op de Kennicott Glacier, waar we nog naartoe moeten.





We komen uiteindelijk na een afdaling van 2u30 terug beneden en na een verkwikkende douche genieten we van een warme zon op de porch van de lodge. Het is hier echt zalig toeven.

Na het eten is er nog een voorstelling van Wrangell Mountain Air (de maatschappij waarmee we naar hier vlogen) maar daar krijgen we het echt moeilijk om de ogen open te houden.
En dan moest ik nog beginnen aan deze blog, de blog waarbij ik nú op "publiceren" druk.


Voor wie meer wil weten over de geschiedenis van Kennicott: National Park Service: Golden Places: The History of Alaska-Yukon Mining

Het weer: zon, wolken en een enkele korte bui

Overnachting in Kennicott Glacier Lodge
Aantal gereden km: 0

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen